Materiaal

Inleiding[Top]

Om te kunnen brouwen heeft men buiten producten ook materiaal nodig om deze producten te verwerken. In het kort zijn dit moutmolen, brouwketel, spoelemmer, gistvat, kroonkurken + kroonkurkapparaat (en natuurlijk ook lege flesjes).

Moutmolen[Top]

De moutmolen dient om de mouten te schroten. De mouten mogen niet gemalen worden omdat het kaf heel moet blijven.
Een moutmolen bestaat uit twee schijven of rollen die over elkaar gaan draaien of rollen. De afstand hiertussen is meestal instelbaar waardoor men fijner of grover kan schroten. Soms schroot men mout driemaal. Grof, medium en fijn. Hierdoor heeft men minder kans dat het kaf breekt. Als amateur brouwer kan je dit ook gewoon in één keer doen.
Zelf heb ik een simpele moutmolen die je met de hand moet ronddraaien. Dit vrij intensief en vind ik dat dit goed is tot maximum 10 kg mouten per brouwsel (ik denk dat ik zelf nog maar maximum 7 kg mout daar mee gemaald heb voor één brouwsel). Hiermee kan je 30 tot 40 liter bier met maken. Als je dan nog vlokken gebruikt kan je nog meer bier brouwen omdat vlokken niet dienen gemaald te worden. Dus dit lijkt mij meer dan voldoende voor privégebruik.
Ik gebruik ook nog 2 emmers, 1 voor de mouten in te doen, en 1 voor de geschrote mouten in te doen. Ik denk dat in een emmer van 10 liter maar 7 kg geschrote mouten kunnen. Je hebt ook nog een schaaltje nodig om onder de moutmolen te plaatsen. En een (keuken)weegschaal om de mouten af te wegen.

Brouwketel[Top]

hier heeft men verschillende mogelijkheden.
  • Mijn eerste ketel was een elektrische ketel met intern verwarmingselement. Dit was een plastieke ketel van 25 liter (goed voor 15 à 20 liter bier) met een verwarmingselement in de ketel. De ketel had een kraantje en kon als gistingsvat dienen. Het nadeel van deze ketel is dat het verwarmingselement in de ketel zit. Je had dan ook een maischzak om de mouten in te doen en zo te maischen. Dit had als gevolg dat de mouten altijd wel op elkaar geduwd werden. Anderzijds koekte het verwarmingselement gemakkelijk aan waardoor de beveiliging van de thermostaat aansloeg. Dus altijd sukkelen, niet te veel voor beweging zorgen zodat het element niet kan aankoeken. Nu gebruik ik die wel nog om water te verwarmen voor het spoelen en voor mijn bier te bottelen omdat daar een kraantje aan is. Ik heb gemerkt dat ze deze ketel niet meer verkopen bij brouwland.
  • Later heeft men de weck-ketel ook uitgebracht voor bier te brouwen. Het verwarmingselement zit hier niet in de ketel, in het brouwsel, maar is afgeschermd. De ketel heeft wel geen kraantje en kan ook niet als vergistingsvat dienen, maar ik denk dat deze voor te maischen wel geschikt zal. De weck-ketel heeft een inhoud van 29 liter.
  • Dan heeft men nog de 'gewone' brouwketel + gasvuur. Volgens mij de beste oplossing. Het enige nadeel is dat je gas nodig hebt en je kan dit ook niet als gistingsvat gebruiken. De ketels heb je in verschillende groottes, met of zonder kraantje en ze hebben ook bijpassende gasvuren.
Naast de ketel (en gasvuur) heb je het volgende nog nodige
- een roerspaan (grote lepel)
- brouwthermometer
- pH-meter of pH-papier
- klokje

Spoelemmer[Top]

Voor bovenstaande ketels bestaan er filterbodems. Ikzelf heb daar nog niet met gewerkt, maar ik veronderstel als je een ketel met een kraantje en zo een filterbodem direct na het maischen (met filterbodem) kan spoelen. De wordt doe je dan in je gistvat. Ikzelf heb een plastieke spoelemmer van 30 liter. Ik heb daar ooit al eens 35 liter tripel met gemaakt, maar daar is die niet geschikt. 30 liter is meer dan genoeg. Voor lichtere bieren kan je wel meer maken, omdat je daar minder mouten per liter hebt.
Voor het spoelen heb je ook warm water nodig om te spoelen. Je kan alles in je de spoelemmer doen en je ketel water opwarmen (neem dan al bijvoorbeeld warm kraantjeswater, dit duurt niet zo lang om op te worden als koud water). Je kan warm water in een ontsmette emmer doen (koken via waterkoker of via het fornuis). Ikzelf gebruik mijn oude elektrische brouwketel. Ik denk dat je zelf wel iets kan uitvinden dat het meest praktische is voor u, zonder dat je daar zware kosten moet voor doen.
Denk er aan om het spoelwater ook aan te zuren. Dus als je liter zou opwarmen spoelen, dit lijkt mij niet praktisch

Hop[Top]

Als je de hop gaat koken kan je deze best in hopzakjes doen. Het is niet verplicht, je kan de wort ook door een filter gieten of zo, maar hopzakjes lijkt mij toch gemakkelijker. Je kan daar ook kruiden en zo in doen (in die hopzakjes). Deze zakjes kosten niet veel en je kan ze meerdere malen gebruiken.
Voor het afwegen van de hop heb je een nauwkeurige weegschaal nodig. Zeker als je verschillende soorten hop en/of kleindere brouwsel maakt. Het kan zijn dat je voor een bepaalde stap 3,4 gram van een bepaalde hop nodig hebt. Dan moet je toch 3 of 4 gram kunnen afwegen. Het probleem met de meeste keukenweegschalen is dat die maar vanaf 5 gram op 1 gram nauwkeurig wegen. Stel dat je eens 3 en eens 5 gram nodig hebt van een bepaalde hop. Deze kan je dan samen afwegen (8 gram) en op het zicht wat verdelen.

Gistvat[Top]

Voor het gisten doet men nog twee stappen, de wort afkoelen, beluchten en dan pas gisten.
Om minder risico's te hebben dat er bacteriën in het bier komen gaat men het bier snel afkoelen. Hiervoor gebruikt men een wortkoeler. Een wortkoeler bestaat meestal een (koperen) buis in spiraalvorm. Hier laat men koud water doorstromen. De wortkoeler doet men 5 minuten voor het einde tijdens het hopkoken in de ketel. Hierdoor is deze ook bacterievrij.
Als de wort agfgekoeld is gaat men zuurstof toevoegen. Dit is nodig omdat de gist zuurstof nodig heeft om te kunnen werken. Dit doet men aan de hand van een wortbeluchter. Een wortbeluchter is een pompje met een luchtsteentje. Op het pompje zit een filter zodat de lucht die in de wort wordt geblazen zo zuiver mogelijk is.
Voor de gisting kan je een gistvat of gistfles gebruiken. De vergisting moet op donkere plaats gebeuren, met donker bedoel ik niet rechtstreeks in de zon of zo. De vaten of flessen zijn normaal ook ondoorzichtig of gekleurd. Een waterslot zorgt er voor dat de CO2 kan ontsnappen, anders zou er een te grote druk komen, en dat er geen bacteriën in kunnen. In de tabel hieronder zijn de verschillen uitgelegd.

Gistfles Gistvat
Door een gistfles is van (gekleurd) glas, waardoor je kan zien wat er gebeurd. Een gistvat is normaal van plastiek en ondoorzichtig.
Een glas heeft een smalle opening. Hierboor zijn speciale hevels waardoor je kan overhevelen Een vat heeft een grote opening. Hierdoor is het gemakkelijk uit te kuisen, te gebruiken voor andere dingen tijdens het brouwen, zoals geschrote mouten in te doen, de wort in te doen, enz.
Het waterslot blijft mooi aangeven dat er ativiteit is in de fles, ook al is deze klein Om de één of andere reden geeft een waterslot van een gistvat op het einde niks, of zeer weinig, weer zodat het precies is alsog de gisting gedaan. Laat het toch nog een paar dagen staan, of hou u gewoon aan de 10-14 dagen.
Een gistfles is van glas. Doe er de hete wort in en koud water en de fles springt. Doe hete wort in het vat en koud water, geen probleem. Je kan zelf het koud water in het midden gieten zonder dat het vat wordt aangeraakt.